De beste plek voor een airco op de bovenverdieping is boven aan het trappengat. Warme lucht stijgt op en verzamelt zich daar, waardoor de airco op die plek het meest efficiënt werkt en de koude lucht goed door de ruimte verdeeld wordt. Hieronder lees je waarom dit zo is en waar je verder op moet letten bij de plaatsing.
Waarom boven het trappengat de beste plek voor een airco op de bovenverdieping is
Warme lucht is lichter dan koude lucht en stijgt altijd naar boven. Op een bovenverdieping zonder airconditioning verzamelt die warmte zich in de hoeken van het plafond, en specifiek boven de trap. Via het trappengat stroomt de warmte van de begane grond of verdieping eronder direct omhoog. Zet je de airco op die plek, dan vangt hij de warmte op precies waar die het hardst binnenkomt.
Daarnaast verspreidt de koude lucht die de airco uitblaast zich vervolgens makkelijker over de rest van de verdieping. Koude lucht daalt, waardoor hij vanzelf richting de slaap- of werkruimtes trekt die verder van de trap liggen. Je hebt zo met één binnenunit al snel een groot deel van de verdieping gedekt.
Aanvullende plaatsingsregels voor de binnenunit
Naast de keuze voor de locatie boven het trappengat zijn er een paar praktische regels die bepalen hoe goed de airco uiteindelijk werkt.
- Hoogte aan de wand: Hang de binnenunit op minimaal 20 tot 30 centimeter onder het plafond. De unit moet lucht kunnen aanzuigen van boven en de koude lucht horizontaal uitblazen, zodat die de ruimte goed bereikt.
- Vrije ruimte rondom: Houd aan beide zijden van de unit minimaal 15 tot 20 centimeter vrij. Kasten, gordijnen of andere obstakels vlak naast de unit blokkeren de luchtstroom en verminderen het rendement.
- Niet in direct zonlicht: Een binnenunit die direct door de zon wordt beschenen, meet een hogere temperatuur dan de werkelijke kamertemperatuur. De airco gaat dan onnodig hard draaien.
- Niet boven een deur of raam: De lucht die daar binnenkomt verstoort de regeling van de thermostaat in de unit.
Wat als het trappengat niet mogelijk is?
Soms is de wand boven het trappengat niet geschikt, bijvoorbeeld omdat er geen rechte muur is, de trap open is, of de leidingen naar de buitenunit daar niet door te voeren zijn. In dat geval kies je voor de muur in de centrale hal of overloop van de bovenverdieping. Het gaat erom dat de unit zo centraal mogelijk hangt, zodat de koude lucht in alle richtingen de aangrenzende kamers kan bereiken.
Heb je een lange, smalle verdieping met meerdere slaapkamers achter gesloten deuren? Dan is één centrale unit al snel onvoldoende. Gesloten deuren onderbreken de luchtverdeling volledig. In dat geval is een multi-split systeem met aparte binnenunits per kamer de betere oplossing, ook al zijn de installatiekosten hoger.
De buitenunit: ook de plaatsing telt
De binnenunit op de bovenverdieping werkt het best als de buitenunit er zo dicht mogelijk bij staat. Hoe korter de afstand van de leidingen, hoe minder rendementsverlies. Veel installateurs plaatsen de buitenunit aan de achterzijde van het huis, op de begane grond of op een plat dak vlak bij de bovenverdieping. Let erop dat de buitenunit goed geventileerd staat en niet in een afgesloten ruimte of nis hangt.
De locatie boven het trappengat is, als die bouwkundig haalbaar is, vrijwel altijd de slimste keuze voor een airco op de bovenverdieping. Laat een installateur vooraf altijd de situatie beoordelen, zodat de leidinglengte, de capiciteit van de unit en de exacte plaatsing op elkaar zijn afgestemd.

