Om te berekenen hoeveel zout je in je zwembad moet doen, deel je de inhoud van het bad in liters door 250. Dat geeft je het aantal kilo’s zout dat je nodig hebt. Voor een spa gebruik je een andere formule: deel de inhoud door 200, omdat spa’s een hogere zoutconcentratie nodig hebben.
Dit zijn de basisformules voor een zoutsysteem dat werkt op een concentratie van ongeveer 4 gram zout per liter (4 g/l), wat de meest gebruikte streefwaarde is voor zwembaden met een zoutchlorator. Hieronder lees je hoe je de berekening precies uitvoert en waar je op moet letten.
Hoeveel zout in het zwembad berekenen: de formule
De formule is eenvoudig:
- Zwembad: inhoud in liters ÷ 250 = aantal kg zout
- Spa of jacuzzi: inhoud in liters ÷ 200 = aantal kg zout
Een concreet voorbeeld: stel je hebt een zwembad van 30.000 liter. Dan bereken je 30.000 ÷ 250 = 120 kg zout. Voor een spa van 1.500 liter reken je 1.500 ÷ 200 = 7,5 kg zout.
De deling door 250 is niet willekeurig. Die verhouding is zo gekozen dat je uitkomt op een zoutgehalte van 4 gram per liter, wat de meeste zoutchloratoren nodig hebben om goed te functioneren. Bij een spa is de instelling iets hoger, vandaar de deling door 200.
Eerst de inhoud van je zwembad bepalen
Weet je de inhoud van je zwembad niet precies? Dan moet je die eerst berekenen. De methode hangt af van de vorm.
- Rechthoekig zwembad: lengte × breedte × gemiddelde diepte × 1000 = aantal liters. Voorbeeld: 10 m × 4 m × 1,5 m × 1000 = 60.000 liter.
- Ovaal zwembad: lengte × breedte × gemiddelde diepte × 785 = aantal liters.
- Rond zwembad: diameter × diameter × gemiddelde diepte × 785 = aantal liters.
Gebruik de gemiddelde diepte als je bad niet overal even diep is. Tel de ondiepste en diepste plek op en deel door twee. Bij een bad dat aan de ene kant 1,2 m diep is en aan de andere kant 1,8 m, is de gemiddelde diepte 1,5 m.
Rekenvoorbeeld van a tot z
Stel je hebt een rechthoekig zwembad van 8 meter lang, 4 meter breed en gemiddeld 1,4 meter diep.
- Inhoud: 8 × 4 × 1,4 × 1000 = 44.800 liter
- Benodigde zout: 44.800 ÷ 250 = 179,2 kg
Je hebt dus ongeveer 180 kg zwembadzout nodig om het bad op de juiste concentratie te brengen. Zout wordt doorgaans verkocht in zakken van 25 kg. In dit geval koop je zo’n 7 à 8 zakken.
Wanneer zout bijvullen?
Eenmaal op de juiste concentratie hoef je niet elk seizoen opnieuw de volle hoeveelheid toe te voegen. Zout verdwijnt namelijk niet door de werking van de chlorator; het wordt alleen verdund of afgevoerd als je water verliest. Dat gebeurt bij achtste in de winter als je het bad leegt, bij spatten, bij backwashen van het filter, of als je water bijvult.
Meet daarom regelmatig het zoutgehalte met een teststrip of een digitale zoutmeter. De meeste zoutchloratoren geven ook zelf een melding als het gehalte te laag is. De ideale concentratie ligt voor de meeste systemen tussen de 3 en 5 gram per liter; raadpleeg de handleiding van je eigen apparaat voor de exacte streefwaarde.
Als je alleen water hebt bijgevuld en het bad niet hebt leeggemaakt, bereken je het tekort zo: stel het bad bevat nog 3 g/l zout en je wil naar 4 g/l. Dan heb je 1 gram per liter extra nodig. Voor een bad van 44.800 liter is dat 44.800 gram = 44,8 kg zout erbij.
Gebruik altijd zwembadzout, geen keukenzout
Koop specifiek zwembadzout of poolzout. Dit is vrijwel puur natriumchloride (minimaal 99,5% NaCl) zonder toevoegingen. Keukenzout bevat jodium en antiklontermiddelen die de waterchemie kunnen verstoren en de chlorator kunnen beschadigen. Dat geldt ook voor industrieel zout, dat mogelijk verontreinigd is met andere mineralen.
Strooi het zout direct in het bad terwijl de pomp en het filter draaien. Verdeel het over het bad en laat de pomp minimaal 24 uur draaien zodat het zout volledig is opgelost voor je de chlorator inschakelt. Zout dat nog niet opgelost is, kan de zoutcel beschadigen.
Met de juiste hoeveelheid zout in je zwembad werkt je zoutsysteem optimaal en houd je je water op een veilige, prettige manier helder. Reken altijd eerst de inhoud van je bad uit, pas dan de formule toe, en controleer achteraf het zoutgehalte met een meting.

